Estate Planning Expert
 

ACTUEEL
02-04-2025 - Besluit van 21 januari 2025, nr. 2024-375909
26-03-2025 - HR 21 maart 2025, ECLI:NL:HR:2025:437

HR 13 december 2024, ECLI:NL:HR:2024:1866

LinkedIn
01-01-2025 | Categorie: Jurisprudentie

Moet bij waardering van echtelijke woning rekening worden gehouden met door vrouw aan haar ouders verleend voorkeursrecht tot koop van grond?

In deze echtscheidingsprocedure twisten de echtgenoten over de vraag hoe de echtelijke woning gewaardeerd moet worden. Niet in geschil is dat de woning aan de vrouw wordt toegedeeld, waarbij de vrouw de helft van de overwaarde aan de man moet voldoen. Volgens de vrouw dient bij de waardebepaling van de echtelijke woning rekening te worden gehouden met een voorkeursrecht tot koop op de grond waarop de woning is gebouwd.
Volgens het hof had de vrouw voor het vestigen van het voorkeursrecht toestemming van de man nodig. De toestemming is in beginsel vormvrij, maar moet schriftelijk of langs elektronische weg worden verleend indien de wet voor het verrichten van de rechtshandeling een vorm voorschrijft. Partijen hebben samen, met de ouders van de vrouw, een lang traject doorlopen om de bouw van de echtelijke woning op de van de ouders van de vrouw gekochte grond te realiseren. De vrouw heeft, in het licht van de gemotiveerde betwisting door de man, volgens het hof niet aannemelijk gemaakt dat in dat traject ook het vestigen van een voorkeursrecht op de grond is besproken en dat de man daarvan op de hoogte was, laat staan dat hij daarvoor expliciet toestemming heeft gegeven.
Partijen lijken er in cassatie van uit te gaan dat de waarde van de echtelijke woning in het kader van de te verdelen huwelijksgemeenschap afhangt van het antwoord op de vraag of de man heeft ingestemd met het verlenen van het voorkeursrecht op de grond. Daarbij moet bedacht worden dat als uiteindelijk vast zou komen te staan dat de man niet heeft ingestemd met het verlenen van het voorkeursrecht, niet voldaan is aan het vereiste van art. 1:88 lid 1 BW, op straffe van vernietigbaarheid op grond van art. 1:89 lid 1 BW. Voor de beantwoording van de vraag of de man in de door de vrouw gestelde omstandigheden heeft ingestemd met het verlenen van het voorkeursrecht, althans of de vrouw erop mocht vertrouwen dat de man daarmee instemde, zijn alle omstandigheden van het geval van belang. Instemming met het voorkeursrecht kan gelegen zijn in een handelen, maar ook een niet-handelen van de man. Daarbij is van belang of de man, zoals de vrouw heeft gesteld, van meet af aan op de hoogte was van het voorkeursrecht als voorwaarde voor de verkoop van de grond door haar ouders. Volgens de Hoge Raad heeft het hof het bewijsaanbod van de vrouw ten onrechte gepasseerd.

Meer informatie:

Naar jurisprudentie overzicht


Naar boven

Wilt u beter adviseren over estate planning?
Meld u dan vandaag nog aan voor de meerdaagse opleiding Estate Planning Specialist

Uitgebreide Modellen Levenstestamenten
Completer dan ieder ander model, inclusief toelichting voor de levenstestateur

Kent u onze Estate Planning Tools al?
De meest geavanceerde reken- en datatoepassingen op de Nederlandse markt

Gebruiksvriendelijke Modellen Testamenten
Altijd up-to-date en inclusief een uitgebreide en heldere toelichting voor de testateur

Uniek in de markt: Aangifte Erfbelasting
Om op snelle, efficiënte en veilige wijze digitaal aangifte erfbelasting te kunnen doen

Twitter Linkedin